Essays

Cynisme en scepsis, werktuig of wapen?

Home - Columns - Politiek en maatschappij - Filosofie en psychologie - Wetenschap - Cursussen - Computer - Diversen | Printversie

(nautische historie zeiltijd - historie stoomtijd - zeilcursus - motorbootcursus - evolutieleer - evolutie mens - groepsgedrag)



(Century No.10 ©Schrijf.be copywriting)


Inleiding
Laat ik eerst proberen de van oudsher aan deze begrippen klevende spraakverwarring weg te nemen:
De klassieke filosofische stroming van Cynici, opgericht door een leerling van Socrates, streefde naar
een sober leven, ontdaan van gewoonten, gebruiken en instellingen. Dat kon leiden tot een schaamte-
loos natuurlijke levenswijze met afwijzing van elke vorm van bezit en reputatie (Diogenes), vanuit het
idee dat alleen kennis wijsheid brengt (Socrates).
De iets latere stroming van Sceptici ging juist uit van de opvatting dat kennis onzeker is en dat alle
waarheid betwijfeld kan worden, waarmee het ertoe neigde oordelen op te schorten of er zelfs geheel
van een oordeel af te zien.
In het moderne woordgebruik zijn de betekenissen enigszins verschoven. Waar cynisme nu uitgaat van
wantrouwen m.b.t. bedoelingen, competentie en nut van mensen en instituties, gaat scepsis uit van een
remmende en verlammende twijfel aan alles wat "waar of oorspronkelijk" wordt bevonden.
Waar de oude filosofische stromingen botsten op het begrip "kennis", liggen de betekenissen nu meer
in elkaars verlengde, zij het dat cynisme een veel bijtender karakter heeft en meer risico's met zich
meebrengt dan scepsis waarvan de gevolgen zich voornamelijk beperken tot opportunisme en stag-
natie.
Op het verwijt dat opschorten of geheel afzien van een oordeel zou leiden tot stagnatie concipieerde de
Griekse scepticus Carneades het probabilisme, een stroming binnen het scepticisme waarbij men zich
bij de oordeelvorming en het handelen laat leiden door waarschijnlijkheid in plaats van door kennis.

Cynisme en het individu
Een gezonde dosis cynisme kan een belangrijke reinigende bijdrage leveren aan de samenleving, maar 
het kan ook een uiterst krachtig wapen zijn omdat het de indruk wekt dat het op kennis en inzicht be-
rust. Dat intimideert de omgeving dusdanig dat die zich wel wacht de toegeworpen handschoen op te
nemen. En daarmee is het ook risico-vol omdat je altijd onverwacht tegen iemand op kan lopen die de
uit bluf gevormde ballon na onverstoorbare observatie subtiel blijkt door te prikken.
Voor veel jonge intellectuelen, vooral mannen, is dat risico wellicht juist een uitdaging en de ultieme
oefening om de geest te scherpen voor het debat. En wie zijn cynisme niet alleen bij de oordeelvorming
betrekt maar ook op zijn directe leefomgeving richt, heeft vaak een hoge positie in de sociale pikorde,
niet omdat zij zo geliefd zijn, maar meer omdat men hun botheid vreest. In ieder geval schermt het hen
af van een in die fase van ontwikkeling nog verontrustend besef van de eigen beperkingen.
Toch is er dan in principe nog weinig aan de hand, zolang het tenminste om een voorbijgaande fase in
de intellectuele ontwikkeling gaat.
Wanneer dit cynisme echter routine wordt, verliest het zijn relativerend vermogen. Het intellectuele type
trekt zich dan terug in elitair en soms wrokkig isolement, alléén of als een groep gelijkgestemden. En
dat laatste is ironisch omdat zij daarmee opgaan in een eigen subcultuur die zich in niets onderscheidt
van het soort groepsprocessen waartegen zij gewoon zijn te fulmineren, met eigen ongeschreven
regels en een weinig transparant stelsel van culturele- en politieke correctheid. Het niet-elitaire type
geeft zich vaak onbevangen over aan populistisch groepsgedrag en kan daarbij grote delen van de
samenleving infecteren, vooral in combinatie met een overdosis aan scepticisme.

Scepticisme en de samenleving
Scepticisme heeft altijd een enigszins stagnerend karakter gehad. Dezer dagen dreigt het de samen-
leving echter behoorlijk te destabiliseren, en wel sinds de ontwikkeling van wat men omgekeerd
probabilisme (zie de inleiding) of antagonistisch scepticisme zou kunnen noemen, waarbij men vanuit
een verregaand cynisme alle goed onderbouwde waarden en alle overheid wantrouwt, en waarbij men
in een neurotische omkering van het waarschijnlijkheids-principe bereid is elk contrair oordeel te om-
armen, vaak vergezeld van een niets-ontziend waarheids-fundamentalisme.
Zo meent de Flat Earth Society dat het politiek- en militair-industrieel complex, de NASA en de regering
van de V.S. voorop, zouden samenspannen om ons te doen geloven dat de aarde niet plat, maar bol is.
En dat is dan nog een klein clubje maffe excentriekelingen, maar er zijn toch talloze mensen die menen
zeker te weten dat er nooit een maanlanding heeft plaatsgevonden en dat al die tv-beelden een politiek
aangestuurde Hollywood-productie zouden zijn geweest. Om maar te zwijgen van al diegenen die uit
tv-beelden en interviews weten af te leiden dat de Twin-towers niet door Al Qaida, maar door de CIA
zouden zijn opgeblazen...
Die behoefte aan dergelijke conspiracy-modellen heeft inmiddels een dermate ernstige vorm aange-
nomen dat velen er bij gebrek aan een vigerende complot-theorie van uitgaat dat er hoe dan ook toch
wel sprake zal zijn van de een of andere malversatie maar dat die alleen nog niet ontdekt is, waarop
men zich vrij voelt elk controversieel gerucht zonder enige verificatie de wereld in te sturen. Dat geldt
voor nieuwsfeiten, maar ook voor wetenschappelijke publicaties, wat bijvoorbeeld bij velen tot de over-
tuiging heeft geleid dat het met het milieu allemaal zo'n vaart niet zal lopen, maar dat er commerciële
belangen zouden zijn om ons dat te doen geloven. Of dat de vaccinatie voor de Mexicaanse griep
indertijd alleen maar diende om nano-chips in ons lichaam te brengen die ons doen en laten zouden
registreren, dan wel dat die hele pandemie een uit de hand gelopen militair laboratorium-experiment
was, en zelfs dat het vaccin ziektekiemen zou bevatten om voor eens en voor altijd het probleem van
de overbevolking rigoureus en regio-gericht op te lossen...

En zo wantrouwend als deze antagonisten staan tegenover de vertegenwoordigers van het establish-
ment, zo blind en kritiekloos volgt men de eigen goeroes. En zo fel als men is tegen een regulerende
overheid, zo gemakkelijk kent men diezelfde overheid buitenproportionele bevoegdheden toe op het
gebied van preventie, opsporing en handhaving.
Dit is klassiek groepsgedrag, dat net als de politieke thema's van deze tijd (migratie, repressie en
milieu) dwars door de partijen en door de klassieke links-rechts tegenstelling heen loopt. Groeps-
gedrag doet mensen in de anonimiteit van de groep wegduiken, maar de naar buiten gerichte intole-
rantie waarmee dat gepaard gaat is in deze globalistische tijd niet zonder risico (zie Groepsgedrag,
een erfenis uit ons verleden).

Men vindt deze vorm van scepticisme terug in het politiek populisme en bij het libertarisme dat met
name in de V.S. werkelijk bolstaat van wantrouwen, antagonisme en conspiracy modellen. Libertarisme
is een politieke stroming die streeft naar een zo groot mogelijke individuele vrijheid en een zo klein
mogelijke overheid, slechts beperkt door het non agressieprincipe En dat blijkt daar tot een uiterst
populistisch en geheel op de inner-circle gericht gedachtengoed te leiden met mogelijk grote gevolgen
voor de rest van de wereld.
En helaas gaat het politiek populisme dezer dagen ook aan Europa niet voorbij, zij het in een minder
libertaire vorm, maar aan de andere kant weer extra giftig door een krachtige etnische component.

Discussie
Probleem is dat een zeker cynisme "street-wise" maakt, en het daarmee een conditio sine qua non is
om in een harde en gehaaide  samenleving als de onze te overleven, en last but not least hebben
scepsis en cynisme onze samenleving ook steeds alert gehouden ten aanzien van machtsmisbruik,
hypocrisie, vooroordeel, hysterie en incompetentie.
Het onderscheid tussen het functionele en het destructieve type ligt besloten in het motief en in de
koppeling aan relativeringsvermogen, zelfinzicht en een positieve verbondenheid met de samenleving.
Omdat het verschil tussen werktuig en wapen een subtiel evenwicht is, moeten wij alert zijn niet in een
negatieve spiraal te geraken, anders is cynisme werktuig noch wapen, maar slechts een val. En dat
geldt ook voor scepsis want het door mij beschreven antagonistisch scepticisme is gebouwd op
wantrouwen en intolerantie, en leven doe je samen, dus op basis van vertrouwen en samenwerking.


Naar boven Meer essays


# menno kater - Cynisme en scepsis, werktuig of wapen?
Advertenties